Wat leer je eigenlijk in een communicatietraining?

No items found.

Contact voor advies

Contact Details
Legend

Met het invullen van jouw gegevens ga jij ermee akkoord dat BSIEC met jou contact mag opnemen.

Thank you! Your submission has been received!
Oops! Something went wrong while submitting the form.

Je hebt het wel eens gehoord: een communicatietraining. Collega's die er een volgen, advertenties die voorbijkomen, misschien zelfs een suggestie van je leidinggevende. Maar wat leer je daar nou echt? Is het een middag vol PowerPoints over actief luisteren, of krijg je handvatten die je morgen al gebruikt?

Die vraag is terecht. Want tussen "tips over communicatie" en "vaardigheden die je gedrag veranderen" zit een wereld van verschil. Dit artikel laat zien wat je concreet ontwikkelt in een training die verder gaat dan de oppervlakte, en hoe je herkent of zo'n training iets oplevert voor jouw dagelijkse werk.

Oppervlakkige tips versus diepgaande vaardigheden

In een communicatietraining ontwikkel je drie kernvaardigheden: zelfinzicht in je eigen communicatiestijl, observatie van gedragspatronen bij anderen, en adaptieve communicatie. Dat klinkt abstract, maar het verschil met oppervlakkige tips is concreet:

  • Een tip zegt: "Stel open vragen." Een vaardigheid laat je zien waarom jouw collega juist dichtslaat bij open vragen en hoe je dan anders inspeelt.
  • Een tip zegt: "Luister actief." Een vaardigheid helpt je herkennen wanneer iemand behoefte heeft aan ruimte in plaats van aandacht.

Het gaat niet om trucjes, maar om begrip van wat er onder de oppervlakte gebeurt.

Vaardigheid 1: zelfinzicht

De eerste vaardigheid is zelfinzicht. Niet in de zin van "ik ben een goede luisteraar" of "ik ben direct", maar concreet: wat is jouw voorkeurswijze van communiceren, wat motiveert jou, en hoe verander je onder stress?

Stel je voor: je biedt graag structuur en helderheid. In een overleg leg je rustig uit, stap voor stap. Maar je collega raakt geïrriteerd, vindt je langdradig, wil dat je ter zake komt. Zonder zelfinzicht denk je: die collega is ongeduldig. Met zelfinzicht zie je: ik geef informatie op een manier die voor mij logisch is, maar niet voor hem.

Je leert dat jouw stijl niet de enige juiste is, en dat anderen niet moeilijk zijn maar anders. Dat inzicht ontstaat doordat je je eigen profiel ontdekt, met concrete voorbeelden van hoe jij reageert in verschillende situaties. Je herkent patronen die je altijd al had, maar nooit bewust zag. Dat is het moment waarop communicatie verschuift van "iets wat je doet" naar "iets wat je begrijpt".

Vaardigheid 2 en 3: observatie en adaptatie

Observatie betekent: herkennen hoe anderen communiceren en wat ze nodig hebben. Je leert signalen zien die je voorheen miste. Een collega die kort antwoordt en snel wil afronden, heeft misschien geen hekel aan je maar zoekt efficiëntie. Iemand die veel vraagt en bevestiging zoekt, heeft geen gebrek aan zelfvertrouwen maar een andere motivatiestrategie.

Die observatie combineer je met adaptieve communicatie: flexibel schakelen tussen stijlen. Neem feedback geven. Bij de ene collega werkt het om direct te zijn: "Dit kan beter, zo pak je het aan." Bij de andere werkt diezelfde aanpak averechts, omdat hij zich afgewezen voelt. Dan pas je aan: je erkent eerst wat goed gaat, bouwt vertrouwen op, en geeft daarna richting.

Dat is geen manipulatie, het is afstemming. In een training oefen je dit met concrete scenario's, waarin je merkt hoe een kleine aanpassing in toon of woordkeuze het verschil maakt tussen weerstand en openheid. Die ervaring blijft hangen, omdat je het niet leest maar voelt.

Onze visie: gedragsverandering begint bij zelfinzicht

Veel trainingen geven je tips en technieken. Wij bij BSIEC werken met het Process Communication Model, omdat oppervlakkige tips niet werken als je niet begrijpt wáárom communicatie misgaat.

PCM geeft je een persoonlijk profiel dat laat zien hoe jij communiceert, wat je motiveert, en waar je onder druk naartoe schiet. Dat profiel is geen eenmalig inzicht, maar een blijvend hulpmiddel. Onze filosofie: duurzame gedragsverandering begint bij zelfinzicht, niet bij trucjes. Je leert jezelf kennen op een manier die je niet meer loslaat, en die kennis vertaalt zich direct naar hoe je met anderen omgaat.

Dat zie je terug in de trainingen: geen PowerPoint-sessies, maar hands-on oefeningen.

Uit de praktijk

De manager die zijn medewerker verkeerd las. "Ik had een medewerker die nooit initiatief nam. Ik dacht: die wil niet, die schuift verantwoordelijkheid af. Na de training zag ik: hij heeft behoefte aan structuur en duidelijkheid voordat hij in actie komt. Ik gaf hem een helder kader, en opeens draaide hij mee. Het lag niet aan hem, het lag aan hoe ik leidde."

De salesmedewerker die haar tempo aanpaste. Zij merkte dat klanten soms afhaakten tijdens gesprekken. In de training ontdekte ze dat ze zelf graag enthousiast en snel praat, terwijl sommige klanten juist rust en bedenktijd nodig hebben. Ze leerde haar tempo aan te passen en meer pauzes in te bouwen, met direct resultaat: klanten voelden zich gehoord in plaats van overrompeld.

Beide situaties laten zien dat het niet gaat om méér praten of beter luisteren, maar om bewust contact maken op een manier die aansluit bij de ander.

Wat als het niet vanzelf gaat?

Niet elke situatie verloopt soepel. Drie veelvoorkomende obstakels:

  • Je organisatie gaat niet mee in je nieuwe aanpak. Begin klein, bij één collega of één overleg, en laat resultaten spreken.
  • De training blijft theoretisch en je kunt het niet toepassen. Zoek trainingen met hands-on oefeningen en een persoonlijk profiel dat je meeneemt.
  • Collega's bieden weerstand tegen je andere manier van communiceren. Leg uit wat je doet en waarom, en vraag om feedback.

Verandering begint altijd met één gesprek, één moment waarop je anders reageert dan voorheen.

Bepaal wat jij nodig hebt

Niet elke communicatietraining past bij wat jij zoekt. Beantwoord deze zeven vragen met ja of nee om te bepalen welke vaardigheden voor jou het meest relevant zijn.

1. Herken je situaties waarin gesprekken vastlopen zonder dat je begrijpt waarom?
Ja: zelfinzicht in je eigen stijl is waardevol, je mist mogelijk bewustzijn van hoe je aanpak overkomt. Nee: je hebt al basisinzicht; focus op observatie en adaptatie.

2. Merk je dat je moeite hebt om aan te sluiten bij bepaalde collega's of klanten?
Ja: observatie van gedragspatronen helpt je signalen herkennen die je nu mist. Nee: je observeert al goed; werk aan flexibel schakelen tussen stijlen.

3. Voel je je vaak gefrustreerd omdat anderen "niet begrijpen" wat je bedoelt?
Ja: je communiceert vanuit je eigen logica, niet die van de ander, adaptieve communicatie is cruciaal. Nee: je bent al empathisch; verdiep je begrip met een gevalideerd model.

4. Wil je leren schakelen tussen verschillende situaties en mensen?
Ja: adaptieve communicatie is de vaardigheid die je zoekt. Nee: focus op verdieping van zelfinzicht of observatie.

5. Zoek je concrete handvatten die je morgen al kunt toepassen?
Ja: kies trainingen met persoonlijke profielen en directe toepasbaarheid, zoals PCM. Nee: theoretisch begrip kan ook waardevol zijn, maar levert minder gedragsverandering op.

6. Verander je gedrag onder druk op een manier die je achteraf betreurt?
Ja: inzicht in je stresspatronen via een profiel helpt je dit herkennen en bijsturen. Nee: je hebt al goede zelfregulatie; focus op interactievaardigheden.

7. Wil je meer dan tips: inzicht dat blijft en groeit?
Ja: een training gebaseerd op een gevalideerd instrument zoals PCM is een logische stap. Nee: kortere workshops of coaching kunnen voldoende zijn.

Je uitkomst: heb je drie of meer keer "ja" bij de eerste vier vragen, dan is een diepgaande training met persoonlijk profiel relevant. Overwegend "nee"? Overweeg dan gerichte coaching of kortere interventies.

Stel jezelf tot slot de vraag: wat wil ik anders doen ná deze training? Is dat antwoord concreet, dan weet je wat je zoekt.

Wat je morgen al kunt doen

Je hoeft niet te wachten op een training. Vijf acties voor deze week:

  1. Observeer in je volgende overleg wie snel ter zake komt en wie context en achtergrond nodig heeft. Noteer het verschil en pas je volgende interactie daarop aan.
  2. Vraag een collega met wie communicatie stroef gaat: "Hoe wil jij het liefst feedback ontvangen?" of "Wat helpt jou om een beslissing te nemen?" Luister zonder te verdedigen.
  3. Noteer na elk belangrijk gesprek wat werkte en wat niet. Welke momenten voelden soepel, welke stroef? Zoek het patroon.
  4. Kies één gesprek waarin je bewust je tempo aanpast. Praat je snel, vertraag dan. Geef je veel details, schrap dan de helft. Merk wat er gebeurt.
  5. Vraag jezelf af hoe je reageert onder druk. Word je kort, dwingend, emotioneel, of juist afstandelijk? Herken je dat patroon, dan kun je bijsturen voordat het escaleert.

Vergelijkbare blogs

No items found.